Samenvatting

Het maatschappelijk welbevinden neemt met de jaren licht toe. De mate waarin Utrechters hoopvol zijn over de toekomst van de buurt verschilt tussen de wijken. Dit jaar is ook het sociaal vertrouwen in kaart gebracht. Er blijken sterke verschillen te zijn, onder andere naar opleidingsniveau en naar leeftijd.

Kerncijfers

 2015201620172018
% inwoners dat zich gediscrimineerd voelt13151414
score sociale cohesie*5,85,85,85,8
score maatschappelijk welbevinden**7,77,77,87,9
% inwoners (zeer) eens met: over het algemeen zijn de meeste mensen wel te vertrouwen---71
% inwoners (zeer) eens met: je kan niet voorzichtig genoeg zijn in de omgang met anderen---26

*Score sociale cohesie is gebaseerd op de volgende stellingen: De mensen in deze buurt kennen elkaar niet zo goed, de mensen in deze buurt gaan op een prettige manier met elkaar om, ik voel me prettig bij de mensen in deze buurt, ik woon in een gezellige buurt en mensen uit mijn buurt gaan veel met elkaar om.
** Score maatschappelijk welbevinden welbevinden is gebaseerd op de volgende stellingen: mensen zoals ik hebben het slecht in Nederland, de samenleving accepteert me niet echt, in deze samenleving ben ik niet belangrijk en mensen zoals ik voelen zich achtergesteld in Nederland.
Bron: Inwonersenquête, gemeente Utrecht

Maatschappelijk welbevinden neemt licht toe, en sociale cohesie en ervaren discriminatie stabiel

Het maatschappelijk welbevinden onder Utrechters van 16 jaar en ouder neemt de afgelopen jaren licht toe (van een score van 7,7 in 2015 naar een 7,9 in 2018). De score voor sociale cohesie verandert nauwelijks door de jaren heen. Wel geeft een groter aandeel Utrechters aan dat de mensen in de buurt elkaar niet zo goed kennen (van 44% in 2017 naar 47% in 2018), een stelling die ten grondslag ligt aan de score sociale cohesie. Inwoners uit Overvecht en Binnenstad geven vaker aan dat mensen in de buurt elkaar niet zo goed kennen (resp. 61% en 57%) dan bewoners van Noordoost en Vleuten-De Meern (resp. 32% en 39%). Het aandeel bewoners dat zich in de afgelopen 12 maanden gediscrimineerd heeft gevoeld (14%) is stabiel gebleven. Vaak genoemde redenen voor discriminatie zijn huidskleur, etniciteit of afkomst (8%), geslacht (4%) en geloof (3%).

Wijkverschillen in hoopvol zijn over toekomst buurt

In de Inwonersenquête is gevraagd in hoeverre mensen het moeilijk vinden om hoopvol te zijn over de toekomst van Nederland, Utrecht en de buurt waarin ze wonen. 24% van de Utrechters vindt het moeilijk hoopvol te zijn met betrekking tot de toekomst van Nederland. 20% van de Utrechters geeft aan het moeilijk te vinden om hoopvol te zijn over de toekomst van de stad en 21% over de toekomst van de buurt. Deze cijfers vormen een vergelijkbaar beeld met 2017. Opvallend zijn de grote verschillen tussen de wijken over het al dan niet hoopvol zijn over de toekomst van de buurt. In Oost en Noordoost vindt 11% en in West vindt 15% van de inwoners het moeilijk hoopvol te zijn tegenover 29% in Zuidwest en 41% in Overvecht. Ook zijn er sterke verschillen per leeftijdsgroep. Van de 16 tot en met 29 jarigen vindt 16% het moeilijk hoopvol te zijn over de toekomst van de buurt, bij de 65-plussers is dat 35% (vergeleken met het stadsgemiddelde van 21%).

 

Grote verschillen in mate van sociaal vertrouwen naar achtergrondkenmerken

Dit jaar is aan Utrechters van 16 jaar en ouder gevraagd naar de ervaren mate van sociaal vertrouwen. Concreet zijn twee stellingen voorgelegd: ‘over het algemeen zijn de meeste mensen wel te vertrouwen’ en ‘je kan niet voorzichtig genoeg zijn in de omgang met anderen’. Deze stellingen worden ook door het Sociaal Cultureel Planbureau gemeten. De mate van sociaal vertrouwen verschilt per wijk. 53% van de inwoners van Overvecht geven aan de meeste mensen wel te vertrouwen, tegenover 79% van de inwoners van Noordoost en 83% van de inwoners van Oost. Daarnaast zijn er duidelijke verschillen waarneembaar in opleidingsniveau. Zo zijn Utrechters die geen opleiding hebben gevolgd of alleen het lager (beroeps)onderwijs hebben afgerond minder vaak van mening dat de meeste mensen over het algemeen wel te vertrouwen zijn dan gemiddeld in Utrecht (41% versus 71%). Dit zelfde geldt bijvoorbeeld voor Utrechters met een MBO opleiding op zak (49%). Mensen met een afgeronde HBO- of wetenschappelijke opleiding zijn juist vaker van mening dat de meeste mensen wel te vertrouwen zijn (81%).

De mate van sociaal vertrouwen verschilt sterk per leeftijdsgroep. 55-plussers vinden minder vaak dan gemiddeld dat de meeste mensen wel te vertrouwen zijn (rond 62%). 65-plussers zijn vaker van mening dat je niet voorzichtig genoeg kunt zijn in de omgang met anderen (41% ten opzichte van 26% gemiddeld in Utrecht). Jongeren van 16 tot en met 29 jaar zijn het daar minder vaak mee eens (22%).

Mening ten aanzien van stellingen sociale cohesie (% (zeer) eens)

 2015201620172018
de mensen in deze buurt kennen elkaar niet zo goed42444447
de mensen in deze buurt gaan op een prettige manier met elkaar om68666969
ik woon in een gezellige buurt55555557
de mensen in deze buurt gaan veel met elkaar om25252525
ik voel me prettig bij de mensen die in deze buurt wonen59596061
er zijn mensen met wie ik goed kan praten90909089
mensen zoals ik hebben het slecht in Nederland6555
de samenleving accepteert me niet echt5555
in deze samenleving ben ik niet belangrijk11101010
mensen zoals ik voelen zich in Nederland achtergesteld8777

Bron: Inwonersenquête, gemeente Utrecht

Aandeel inwoners dat zich gediscrimineerd voelt

 2015201620172018
vanwege huidskleur, etniciteit of afkomst6878
vanwege geslacht (vrouw of man)2334
vanwege seksuele geaardheid1111
vanwege leeftijd2322
vanwege handicap1111
vanwege geloof3333

Bron: Inwonersenquête, gemeente Utrecht