Samenvatting

  • Utrecht blijft groeien: nu bijna 362 duizend inwoners
  • Sterke afname in immigratie lijkt tijdelijk
  • Voor het eerst deze eeuw meer uitstroom dan instroom
  • Veel vestiging en vertrek bij twintigers
  • Weer meer jonge mensen verhuizen naar Utrecht
  • Meer sterfte en meer geboorte
  • Alle grote steden groeien minder hard dan vóór corona

 Kerncijfers

 20182019202020212022
aantal inwoners op 1 januari347.574352.941357.719359.355361.742
a. aantal geborenen4.8174.7154.7814.948-
b. aantal overledenen1.8381.9212.0642.076-
c. geboorteoverschot (a-b)2.9792.7942.7172.872-
d. vestigers uit andere gemeente22.48022.07022.15722.216-
e. vertrekkers naar andere gemeente22.45122.98224.31026.230-
f. binnenlands vestigingsoverschot (d-e)29-912-2.153-4.014-
g. vestigers uit ander land7.2908.3126.5127.879-
h. vertrekkers naar ander land4.6385.1225.0884.134-
i. buitenlands vestigingsoverschot (g-h)2.6523.1901.4243.745-
j. saldo administratieve correcties-293-294-352-216-
jaarlijkse groei (c+f+i+j)5.3674.7781.6362.387-

Bron: BRP, gemeente Utrecht

Utrecht blijft groeien: nu bijna 362 duizend inwoners

Op 1 januari 2022 had Utrecht 361.742 inwoners. Utrecht groeide in 2021 met 2.387 inwoners en in 2020 met 1.636 inwoners. Dit is een lagere groei dan in de jaren vóór corona. In 2019 groeide de stad nog met bijna 4.800 en in 2018 met meer dan 5.300 inwoners. De voornaamste oorzaken voor de lagere groei zijn een verminderde vestiging in Utrecht vanuit het buitenland (vooral in 2020) en een toegenomen vertrek van Utrechters naar andere gemeenten in Nederland.

In onderstaande figuur is voor elke maand in 2020 en 2021 de bevolkingsontwikkeling van de stad afgezet tegen het maandgemiddelde van de drie jaren ervoor. Vanaf maart 2020, het begin van de coronapandemie, is er duidelijk een verminderde groei van de bevolking te zien ten opzichte van de jaren ervoor. Vanaf juli 2021 is de groei weer terug op het niveau van de jaren 2017-2019.

Sterke afname in immigratie lijkt tijdelijk

Na invoering van de coronamaatregelen in maart 2020 nam de immigratie in Nederland sterk af. In 2019 vestigden zich nog 8.300 mensen vanuit het buitenland in Utrecht, dit aantal liep in 2020 terug tot 6.500. In 2021 trok de immigratie weer aan en zit Utrecht met 7.900 immigranten weer bijna op het niveau van vóór corona. De top vijf van landen waar zij vandaan komen wordt gevormd door Duitsland, Spanje, India, Italië en Griekenland. India stond in de jaren vóór corona bovenaan. In 2020 was de immigratie vanuit India naar Utrecht meer dan gehalveerd. In 2021 neemt de stroom vanuit India weer sterk toe.

Voor het eerst deze eeuw meer uitstroom dan instroom

Tijdens de coronajaren heeft Utrecht voor het eerst in deze eeuw een vertrekoverschot: het aantal mensen dat de stad uit verhuist is groter dan het aantal dat zich in Utrecht vestigt. Naast een verminderde vestiging vanuit het buitenland zien we een sterk toegenomen vertrek van Utrechters naar de regio of elders in het land. Het is onzeker of dit hogere vertrek samenhangt met corona. De toename van het binnenlands vertrek was in 2019 al ingezet, maar die toename is in de afgelopen twee jaren wel versterkt. In 2019 vertrokken 23.000 Utrechters naar een andere gemeente in Nederland. In 2020 liep dat aantal op tot 24.300 en in 2021 tot liefst 26.200.

Veel vestiging en vertrek bij twintigers

De meerderheid van de Utrechters die de stad verlaten is twintiger of dertiger. Amsterdam is de populairste bestemming: bijna 2.500 Utrechters zijn vorig jaar naar de hoofdstad verhuisd. Daarna volgen de regiogemeenten Nieuwegein, Zeist, Stichtse Vecht en De Bilt, die vorig jaar elk tussen de 1.000 en 1.500 mensen uit Utrecht ontvingen. Deze gemeenten vormden ook in 2019 en 2020 de top 5 van bestemmingen.

Weer meer jonge mensen verhuizen naar Utrecht

Het aantal mensen dat vanuit een andere Nederlandse gemeente naar Utrecht verhuist ligt al jarenlang rond de 22.000, en dat was tijdens de coronajaren niet anders. Driekwart van deze vestigers is in de leeftijd van 18-34 jaar. Jonge vestigers zijn vooral studenten en starters op de arbeidsmarkt. Net als in andere studentensteden liep het aantal jonge vestigers sinds 2015 terug. In dat jaar werd het sociaal leenstelsel ingevoerd, waardoor minder studenten op kamers gingen wonen. Na een gestage daling is het aantal jonge vestigers in 2020 weer gestegen en in 2021 stabiel gebleven.

In 2020 en 2021 zien we niet alleen een toename van het aantal Utrechters dat naar een andere gemeente verhuist, ook het aantal verhuizingen binnen de gemeente Utrecht is flink toegenomen. In 2019 zijn in totaal 57.300 Utrechters verhuisd, dat is een op de zes inwoners. In 2021 is dit aantal opgelopen tot 62.500. Hiervan is de helft binnen de stad verhuisd (51%) en de andere helft naar een andere gemeente in Nederland (42%) of naar het buitenland (7%).

Meer sterfte en meer geboorte

Cijfers van het CBS laten zien dat er in 2020 en 2021 sprake was van oversterfte: in beide jaren stierven in Nederland circa 10% meer mensen dan verwacht. Ook Utrecht kende tijdens de coronajaren een toename in het aantal overleden inwoners. Zowel in 2020 als in 2021 lag het sterftecijfer in Utrecht rond 2.070 overledenen. In de periode vóór corona (2005-2019) schommelde het aantal overleden Utrechters tussen 1.800 en 1.930 per jaar. Uit cijfers van de GGDrU is bekend dat in 2020 en 2021 respectievelijk 187 en 110 Utrechters aan het coronavirus zijn overleden. Het werkelijke aantal dat aan het virus overleden is, ligt hoger vanwege onvolledige registratie (zie hoofdstuk Gezondheid volwassenen).

Het CBS ziet landelijk een toename van het geboortecijfer in 2021, maar is terughoudend om dit te duiden als een effect van corona. In 2021 zijn er 4.948 Utrechtse baby’s geboren. Dat is een iets hoger aantal dan in de jaren 2017-2020, maar valt binnen de schommelingen van het geboortecijfer in de afgelopen 15 jaar. In die periode waren er ook jaren dat het aantal geboortes boven de 5.000 uitkwam. Utrecht groeit zo sterk mede door de grote natuurlijke aanwas (verschil tussen geboorte en sterfte). Utrecht heeft van alle steden in Nederland de grootste natuurlijke aanwas per 1.000 inwoners. In 2021 hadden alleen de kleinere gemeenten Urk, Renswoude en Waddinxveen relatief gezien een hoger geboorteoverschot.

Alle grote steden groeien minder hard dan vóór corona

Sinds de bouw van Leidsche Rijn groeit Utrecht uitzonderlijk hard. Tot 2015 groeide Utrecht harder dan de andere G4-steden (in verhouding tot de bevolkingsomvang). Sinds 2016 is Almere de snelste groeier van de grote steden in Nederland en is de relatieve groei van de G4-steden dichter bij elkaar gekomen.

Uit cijfers van het CBS blijkt dat alle grote steden in Nederland in het eerste coronajaar minder hard groeiden dan daarvoor. Met een groeipercentage van 0,50% groeide Utrecht in 2020 wel harder dan Nederland en de overige G4-steden. In 2021 trok de bevolkingsgroei van de meeste steden in Nederland weer aan. Ook Utrecht groeide met 0,64% in 2021 harder dan in 2020 maar minder hard dan Amsterdam en Den Haag.

 Overige kerncijfers

 20182019202020212022
aantal inwoners op 1 januari347.574352.941357.719359.355361.742
geboorte per 1.000 vrouwen van 15-44 jaar51,950,150,252,0-
overleden per 1.000 inwoners5,35,45,85,8-
vertrek naar andere gemeente per 1.000 inwoners64,665,168,073,0-
vertrek naar ander land per 1.000 inwoners13,314,514,211,5-
binnenlandse vestigers 18-24 jaar8.2257.4188.5508.356-
verhuizingen binnen Utrecht29.18129.18330.41132.164-
verhuizingen binnen Utrecht per 1.000 inwoners84,082,785,089,5-
aantal inwoners per km²3.5043.5583.6063.6223.646
gemiddeld aantal inwoners per bewoonde woning2,382,372,362,332,31

Relatieve cijfers over het jaar zijn afgezet tegen het inwonertal op 1 januari van dat jaar.
Bron: BRP, gemeente Utrecht