Samenvatting

Het gaat over het algemeen goed met de Utrechtse jeugd. De meeste kinderen en jongeren zijn positief over hun eigen gezondheid en voelen zich gelukkig (cijfers 2019). De vaccinatiegraad onder 2- en 5-jarigen en HPV-gevaccineerde meisjes neemt licht toe. Er zijn echter ook ontwikkelingen die aandacht vragen. Bijna de helft van de jongeren voelt zich vaak gestrest. Sociaal-economische gezondheidsverschillen zijn soms al op jonge leeftijd zichtbaar, bijvoorbeeld voor overgewicht.  Ook laten kinderen en jongeren die opgroeien in eenouder- en co-oudergezinnen een ongunstiger beeld zien dan leeftijdsgenoten die opgroeien bij beide ouders.  

Kerncijfers*

 2013201520172019*
% basisschoolleerlingen (groep 7 en 8) met goed ervaren gezondheid91929090
% basisschoolleerlingen (groep 7 en 8) dat zich meestal (heel) gelukkig voelt---89
% basisschoolleerlingen (groep 7 en 8) dat wel eens alcohol heeft gedronken19202017
% basisschoolleerlingen (groep 7 en 8) met verhoogd risico op psychosociale problemen11111312
% basisschoolleerlingen (groep 7 en 8) dat wel eens gepest wordt op school16141414
% basisschoolleerlingen (groep 7 en 8) met een chronisch ziek of verslaafd gezinslid-91011
% VO-leerlingen (2e en 4e klas) met goed ervaren gezondheid---87
% VO-leerlingen (2e en 4e klas) dat zich meestal (heel) gelukkig voelt---87
% VO-leerlingen (2e en 4e klas) dat alcohol heeft gedronken in de afgelopen vier weken---15
% VO-leerlingen (2e en 4e klas) dat wel eens heeft gerookt---6
% VO-leerlingen (2e en 4e klas) dat zich vaak gestrest voelt---48
% VO-leerlingen (2e en 4e klas) dat ernstig eenzaam is---7

* In 2019 is de Gezondheidsmonitor Jeugd voor het eerst afgenomen in Utrecht. Hiermee start een nieuwe reeks aan metingen in klas 2 en 4 van het voortgezet onderwijs. 
Bron: Jeugdmonitor Utrecht & Gezondheidsmonitor Jeugd, gemeente Utrecht

Utrechtse jeugd voelt zich gezond en gelukkig

Uit enquêteonderzoek dat is uitgevoerd in het najaar van 2019 (voor de coronacrisis) blijkt dat 90% van de basisschoolleerlingen uit groep 7 en 8 en 87% van de jongeren uit klas 2 en 4 van het voortgezet onderwijs zich gezond voelen. Kinderen uit gezinnen met een hoge welvaart en kinderen en jongeren zonder migratieachtergrond beoordelen hun eigen gezondheid vaker als goed, evenals kinderen en jongeren die bij beide ouders wonen. Van de basisschoolleerlingen uit groep 7 en 8 geeft 89% aan zich meestal (heel) gelukkig te voelen, voor jongeren uit klas 2 en 4 van het voortgezet onderwijs is dat 87%. Kinderen en jongeren die bij beide ouders wonen zijn vaker gelukkig dan gemiddeld. Dat geldt ook voor kinderen uit gezinnen met een hoge welvaart.

Alcoholgebruik en roken hangen samen met welvaart en migratieachtergrond

Eén op de zes Utrechtse kinderen heeft wel eens (een slokje) alcohol gedronken. Dit komt vaker voor bij kinderen uit gezinnen met een hoge welvaart en kinderen uit gezinnen met co-ouderschap. Van de Utrechtse jongeren zegt 15% alcohol te hebben gedronken in de afgelopen vier weken (6% in klas 2 en 25% in klas 4). Alcoholgebruik komt vaker voor bij jongeren met een westerse achtergrond. 6% van de jongeren heeft wel eens een sigaret gerookt (2% in klas 2 en 10% in klas 4). Vmbo- en havo-leerlingen experimenteren vaker met roken. Onder jongeren met een Turkse achtergrond wordt vaker een waterpijp gerookt dan gemiddeld in Utrecht.

Vaker overgewicht bij kinderen met lager opgeleide ouders

9% van de 3-jarigen heeft overgewicht of obesitas. Na een eerdere daling is het aandeel overgewicht de laatste jaren gestabiliseerd op 9% onder 5/6-jarigen en 14% onder 10/11-jarigen. Verschillen in overgewicht ontstaan al op jonge leeftijd. Kinderen met laag of middelbaar opgeleide ouders zijn vaker te zwaar dan kinderen van ouders met een hbo- of wo-opleiding. Deze verschillen worden groter naarmate kinderen ouder worden.

11% van de Utrechtse kinderen heeft een chronisch ziek of verslaafd gezinslid

Eén op de negen kinderen geeft aan een chronisch ziek of verslaafd gezinslid te hebben. Deze jonge mantelzorgers laten op verschillende onderwerpen een ongunstiger beeld zien. Zo hebben kinderen met een chronisch ziek of verslaafd gezinslid vaker grote taken thuis, minder vaak een goed ervaren gezondheid en minder vaak een goede relatie met hun ouders. Kinderen uit gezinnen met een lage welvaart hebben vaker een chronisch ziek of verslaafd gezinslid.

Deel van de kinderen heeft een minder goede psychosociale gezondheid

Eén op de acht kinderen heeft een verhoogd risico op psychosociale problemen. Het risico is hoger voor kinderen uit eenoudergezinnen en uit gezinnen met een lage welvaart. 88% van de kinderen heeft een positief zelfbeeld (tevreden met/trots op zichzelf). Het percentage Utrechtse kinderen met faalangstige gevoelens is niet verder gestegen en blijft 14%. Ook het aandeel basisschoolleerlingen uit groep 7 en 8 dat op school wordt gepest blijft stabiel op 14%. Van de basisschoolleerlingen uit groep 7 en 8 geeft 24% aan zich vaak gestrest te voelen.

48% van de jongeren voelt zich vaak gestrest

Bijna de helft van de leerlingen uit klas 2 en 4 van het voortgezet onderwijs voelt zich vaak gestrest. Dit geldt voor 39% van de vmbo-leerlingen, 54% van de havo-leerlingen en 53% van de vwo-leerlingen. Als belangrijkste oorzaken van stress worden school of huiswerk en de combinatie van alles wat jongeren moeten doen genoemd. Meisjes voelen zich vaker gestrest, net als jongeren die in een gezin met co-ouderschap opgroeien. 7% van de jongeren is ernstig eenzaam. Ernstige eenzaamheid komt vaker voor bij jongeren uit eenoudergezinnen of andere gezinsvormen (zoals met een eigen ouder en stiefouder, pleegouders of grootouders), bij jongeren met een Marokkaanse of Turkse achtergrond en bij vmbo-leerlingen.

Vaccinatiegraad 2- en 5-jarigen en HPV gevaccineerde meisjes neemt licht toe

In verslagjaar 2020 is in Utrecht het percentage gevaccineerde 2-jarigen voor het tweede jaar op rij licht gestegen, nadat het sinds 2013 jaarlijks daalde. 92,5% van de 2-jarigen is volledig gevaccineerd volgens het Rijksvaccinatieprogramma. Ook landelijk was er dit jaar voor het eerst weer een stijging zichtbaar van de vaccinatiegraad onder 2-jarigen. In de wijken Overvecht, Binnenstad en Zuidwest is de vaccinatiegraad onder 2-jarigen onder de 90%. Het percentage gevaccineerde 5-jarigen in Utrecht nam voor het eerst in vier jaar weer licht toe. De vaccinatiegraad onder 10-jarigen nam iets af voor BMR (bof, mazelen, rode hond) en bleef na eerdere daling in voorgaande jaren gelijk voor DTP (difterie, tetanus, polio). Het percentage 13- tot 14-jarige meisjes dat gevaccineerd is tegen HPV (humaan papillomavirus) steeg in verslagjaar 2020 tot 55%. Eerder daalde dit percentage van 58% in 2017 naar 49% in 2018. De vaccinatiegraad voor HPV in Utrecht is relatief hoog vergeleken met de andere drie grote steden en met het landelijke percentage. De HPV vaccinatiegraad verschilt sterk tussen de wijken. In de wijken Noordoost en Oost is 78% van de 13- tot 14-jarige meisjes gevaccineerd tegen HPV vergeleken met 27% in Overvecht. 74% van de Utrechtse 14- tot 18-jarigen is gevaccineerd tegen meningokokken ACWY. Dit percentage is vergelijkbaar met de andere drie grote steden, maar lager dan landelijk.

Opgroeien in een zorgsituatie geeft lagere kwaliteit van leven

In het onderzoek ‘Bezorgd naar school. Kwaliteit van leven van scholieren met een langdurig ziek gezinslid’ rapporteert het SCP dat in Nederland 17% van de middelbare scholieren samenwoont met een langdurig ziek gezinslid. Scholieren met een zorgsituatie thuis scoren minder goed op levenstevredenheid, ervaren gezondheid, psychosomatische klachten (lastig in slaap komen, vermoeidheid, gevoel van uitputting) en schooldruk. Scholieren die opgroeien met een langdurig ziek gezinslid geven aan dat de zorgsituatie, samen met de emotionele druk die dat met zich meebrengt, meer invloed heeft op hun kwaliteit van leven dan de extra tijd die zij besteden aan (huishoudelijke) taken. Utrechtse cijfers onder basisschoolleerlingen en leerlingen in het voortgezet onderwijs laten een vergelijkbaar beeld zien, waarbij kinderen en jongeren met een chronisch ziek gezinslid vaker taken in huis hebben, lager scoren op ervaren gezondheid en een verhoogd risico hebben op psychische problemen.