Samenvatting

  • Kwart van peuters bezoekt voorschool
  • Meer dan de helft van de kinderen bezoekt kinderopvang

 Kerncijfers

 2018201920202021
% 2,5–4 jarigen dat geplaatst is op een voorschool (vs)*35322525
% 2,5–4 jarigen dat geplaatst is op een voorschool (vs) zonder VE-advies*1514109
% 2,5–4 jarigen dat geplaatst is op een voorschool (vs) met VE-advies*20191516
% peuters met risico op taalachterstand dat voorschool bezoekt**89826769
aantal kinderen (0-3 jaar) dat naar kinderdagverblijf gaat9.88010.17010.420-
aantal kinderen (4-11 jaar) dat naar buitenschoolse opvang gaat13.67014.03014.300-
% kinderen (0-3 jaar) dat naar kinderdagverblijf gaat555759-
% kinderen (4-11 jaar) dat naar buitenschoolse opvang gaat434445-
totaal % kinderen (0-11 jaar) in formele opvang (kdv, bso en gastouderopvang, excl. vs)515253-
% inwoners dat tevreden is over kinderopvang (kdv, vs, bso) in hun buurt***5858-61

* Peildatum oktober 2020. Per 1 januari 2020 bestaan er als gevolg van de harmonisatie van kinderopvang en peuterspeelzalen geen peuterspeelzalen meer, maar alleen voorscholen.
** Dit percentage is berekend als het daadwerkelijk aantal peuters dat een voorschool bezoekt, als percentage van het totaal aantal geïndiceerde peuters (door JGZ). Peildatum oktober.
*** Vraag in Inwonersenquête 2021 is gewijzigd t.o.v. 2019: de term peuterspeelzaal is vervangen door voorschool.
Bron: Jeugdgezondheidszorg (JGZ), gemeente Utrecht; CBS (cijfers kinderopvang); Inwonersenquête, gemeente Utrecht

Kwart van peuters bezoekt voorschool

Het aandeel peuters met risico op taal- en/of ontwikkelachterstand dat een voorschool bezoekt is toegenomen van 67% in 2020 naar 69% in 2021. In 2018 ging nog 89% van de peuters met risico op taal- en/of ontwikkelachterstand naar de peuterspeelzaal of voorschool. In 2021 is het aandeel peuters dat de voorschool bezoekt gelijk gebleven aan dat in 2020 (25%). In 2018 was nog 35% van de peuters geplaatst op een peuterspeelzaal. De daling in 2020 volgt na een jaar met coronamaatregelen en de harmonisatie van peuterspeelzalen en voorscholen. Dat jaar waren de voorscholen twee keer gesloten als gevolg van de coronapandemie. Door de harmonisatie van peuterspeelzalen en kinderopvang in 2020 zijn er alleen nog voorscholen en geen aparte peuterspeelzalen meer. Ook is de toegang tot voorscholen duurder en inkomensafhankelijk geworden (hoeveel duurder is afhankelijk van het inkomen van de ouders). Voor werkende ouders is de ouderbijdrage gekoppeld aan de kinderopvangtoeslag. Voor ouders die recht hebben op kinderopvangtoeslag telt vanaf 2020 het aantal uren dat de voorschool bezocht wordt mee in het totaal aantal opvanguren waarvoor men vergoeding ontvangt. Voor ouders van kinderen met een VE-indicatie zijn bij 16 uur voorschool per week de eerste 6 uur gratis, hierover betalen ouders geen ouderbijdrage.

Meer dan de helft van de kinderen bezoekt kinderopvang

Het aandeel kinderen van 0-3 jaar dat naar het kinderdagverblijf gaat stijgt naar 59% in 2020. Van de kinderen van 4-11 jaar bezoekt 45% de buitenschoolse opvang (BSO). In 2018 bezochten in totaal 25.150 kinderen tot 11 jaar een kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang of gastouderopvang (formele kinderopvang). In 2020 is dit aantal kinderen met 5% gegroeid naar 26.500. Het totaal aantal kinderen tot 11 jaar dat in Utrecht woont is in deze periode constant. De toename in het aandeel kinderen dat (formele) kinderopvang bezoekt is te zien in bijna elke wijk. Alleen in Noordoost daalt dit percentage, al is het bezoek aan de kinderopvang hier het hoogst (71%). Het aandeel kinderen dat (formele) kinderopvang bezoekt is het laagst in Overvecht (21%).