Samenvatting

Binnen het segment sociale huur is al enkele jaren sprake van een oplopend aantal verhuringen. Toch is de slaagkans van woningzoekenden binnen de sociale huur vorig jaar iets afgenomen. Dit komt omdat de vraag naar sociale huurwoningen in Utrecht sneller stijgt dan het aanbod. Het gemiddelde aandeel sociale huurwoningen in de stad is 29%, exclusief de sociale huurwoningen in eigendom van particulieren.

Kerncijfers

 2015201620172018*
aantal verhuringen van sociale huurwoningen

2.379

2.207

2.305

2.390

bemiddeling en toewijzing van sociale huurwoningen1 (%)

40

39

33

36

gemiddelde slaagkans sociale huurwoning2 (%)

4,3

3,9

4,1

3,2

gemiddelde wachttijd sociale huurwoning3 (jaren)

9,0

9,7

10,4

10,4

gemiddelde zoektijd sociale huurwoning4 (jaren)

4,3

4,9

4,4

4,5

voorraad sociale huurwoningen in corporatiebezit5

43.681

43.461

42.403

43.032

voorraad corporatiebezit met huurprijs boven liberalisatiegrens5

2.711

2.238

2.843

2.715

* voorlopige cijfers
1Betreft verhuringen met bemiddeling en verhuringen via media met toewijzing o.b.v. urgentie
2De slaagkans is het aantal verhuringen in een bepaalde periode gedeeld door het aantal actief woningzoekenden in dezelfde periode
3De wachttijd is het aantal jaren dat een woningzoekende staat geregistreerd op het moment van acceptatie van een woning. Wachttijd gebaseerd op het aanbodmodel (excl. verlotingen)
4De zoektijd is het aantal jaren tussen de eerste reactie op een woning en het moment dat een ingeschreven woningzoekende een woning accepteert. Zoektijd gebaseerd op het aanbodmodel én lotingmodel (combinatie van toewijzing o.b.v. wachttijd en verloting van een deel van het huuraanbod)
5Stand voorraad aan start van rapportagejaar (1 januari); indeling voorraad corporatiebezit op basis van liberalisatiegrens en kale huur op peildatum
Bron: WoningNet; Regioplatform Woningcorporaties Utrecht (RWU)

Toenemende vraag naar sociale huurwoningen

De voorraad sociale huurwoningen in bezit van de woningcorporaties is al enkele jaren stabiel te noemen. Begin 2018 bestaat 29% van de totale voorraad in Utrecht uit sociale huurwoningen in corporatiebezit (43.032 woningen). Het aantal nieuw verhuurde sociale huurwoningen schommelt sinds 2015 rond ongeveer 2.300 verhuringen per jaar. In de periode voor 2015 lag dit aantal nog rond ongeveer 2.800 verhuringen per jaar. Met een lichte toename in het aantal verhuringen in 2017 en opnieuw een toename in 2018 is er een einde gekomen aan de dalende trend in de periode van 2014 tot en met 2016. Ondanks het toenemende aantal verhuringen blijft de gemiddelde slaagkans op een sociale huurwoning verder afnemen. Met 3,2% is 2018 het jaar met de kleinste gemiddelde slaagkans op een sociale huurwoning in Utrecht sinds de start van de registratie in 2010. De grootste gemiddelde slaagkans is gemeten in 2013 (6,7%). Voor de U10-regio is de gemiddelde slaagkans op een sociale huurwoning kleiner dan in Utrecht. Het aantal sociale huurwoningen in corporatiebezit in de U10-regio is stabiel (90.381 woningen). Het aantal verhuringen van sociale huurwoningen in de U10-regio is toegenomen van 4.616 in 2017 naar 4.962 in 2018. Toch is de slaagkans afgenomen van 3,2% in 2017 naar 2,8% in 2018 (U10 excl. Utrecht: 2,5%). Dit betekent dat het aantal actief woningzoekenden (de vraag) sneller toeneemt dan het aanbod aan beschikbare sociale huurwoningen in Utrecht én de omliggende regio.

Beschikbaar aanbod grotendeels verhuurd aan starters op de woningmarkt

In 2018 is 75% van het beschikbare aanbod aan sociale huurwoningen verhuurd aan starters. Dit is een toename ten opzichte van voorgaande jaren. Ondanks meer verhuringen aan starters is de gemiddelde slaagkans voor starters afgenomen. Hoewel de slaagkans voor starters de afgelopen jaren schommelt is er een afnemende trend: van 6,0% in 2013 naar 3,0% in 2018. De gemiddelde slaagkans voor doorstromers is gestaag afgenomen van 8,4% in 2013 naar 3,9% in 2018. Hierdoor is het verschil tussen de gemiddelde slaagkans van starters en doorstromers kleiner geworden. De gemiddelde wachttijd (inschrijftijd) voor een sociale huurwoning is de afgelopen jaren toegenomen. Met 10,4 jaar is er in 2018 voorlopig een stagnatie van deze stijgende trend. De gemiddelde zoektijd (aanbod en loting) blijft schommelen tussen de 4 en 5 jaar. Zowel de wachttijd als zoektijd zijn lager voor starters dan voor doorstromers. Het verschil tussen starters en doorstromers is het grootst in de gemiddelde wachttijd. Het verschil in leeftijd tussen starters en doorstromers kan hier een rol bij spelen. In 2018 is er alleen voor doorstromers een (kleine) toename in de gemiddelde wachttijd en zoektijd. Als gevolg hiervan neemt het verschil tussen de wachttijd en zoektijd van starters en doorstromers verder toe. Uit deze verhuurcijfers blijkt dat de groep woningzoekende starters sneller groeit ten opzichte van het voor starters beschikbare aanbod dan voor woningzoekende doorstromers.

Overige cijfers Sociale huur 

 2015201620172018*
% sociale huurwoningen verhuurd aan starters

70

71

72

75

gemiddelde slaagkans sociale huurwoningen starters1 (%)

3,8

3,4

3,8

3,0

gemiddelde slaagkans sociale huurwoningen doorstromers1 (%)

5,7

5,4

5,1

3,9

gemiddelde wachttijd sociale huurwoning starters2 (jaren)

-

9,3

9,7

9,7

gemiddelde wachttijd sociale huurwoning doorstromers2 (jaren)

-

10,5

11,5

11,8

gemiddelde zoektijd sociale huurwoning starters3 (jaren)

-

4,7

4,1

4,1

gemiddelde zoektijd sociale huurwoning doorstromers3 (jaren)

-

5,3

4,8

5,3

* voorlopige cijfers
1De slaagkans is het aantal verhuringen in een bepaalde periode gedeeld door het aantal actief woningzoekenden in dezelfde periode
2De wachttijd is het aantal jaren dat een woningzoekende staat geregistreerd op het moment van acceptatie van een woning. Wachttijd gebaseerd op het aanbodmodel (excl. verlotingen)
3De zoektijd is het aantal jaren tussen de eerste reactie op een woning en het moment dat een ingeschreven woningzoekende een woning accepteert. Zoektijd gebaseerd op het aanbodmodel én lotingmodel (combinatie van toewijzing o.b.v. wachttijd en verloting van een deel van het huuraanbod)
Bron: WoningNet