Samenvatting

De coronacrisis kan ertoe leiden dat Utrechters de openbare ruimte anders ervaren. Uit een peiling van het Bewonerspanel Utrecht (juni 2020) blijkt dat 71% van de panelleden het groen in de eigen buurt meer waardeert. Ook ervaart meer dan de helft dat het stiller is in de eigen woonomgeving sinds de uitbraak van het coronavirus. In de toekomst verwacht een derde van de panelleden vaker te wandelen in de buurt van het eigen huis (februari 2021). Ook verwacht één op de drie panelleden vaker te ontspannen in een stadspark.

Kerncijfers

 2017201820192020
openbaar groen per huishouden (m2)--6868
% inwoners dat tevreden is over het groen in de buurt696767-
% inwoners dat tevreden is over het park in de buurt737273-
% inwoners dat tevreden is over aanbod groenvoorzieningen (parken, plantsoenen, landgoederen) in de stad736968-
% ouders dat (zeer) tevreden is over speelgelegenheid in de buurt*656463-
% inwoners dat tevreden is over de straatverlichting in de buurt777881-
% inwoners dat ontevreden is over de straatverlichting in de buurt888-

Bron: Inwonersenquête, gemeente Utrecht. * Ouders met een of meer kinderen jonger dan 12 jaar
In 2020 is geen gemeentelijke Inwonersenquête afgenomen. Deze enquête houden we elke twee jaar. In 2022 zijn hiervan nieuwe cijfers beschikbaar.

Sinds het uitbreken van het coronavirus hebben 7 op de 10 panelleden meer waardering voor groen in hun omgeving

In juni 2020 is een peiling gehouden onder de leden van het gemeentelijke Bewonerspanel. Aan de leden van dit panel is gevraagd hoe zij het groen (zoals grasveldjes en bomen) in hun omgeving waarderen. Zeven op de tien panelleden is het groen in hun omgeving meer gaan waarderen sinds de uitbraak van het coronavirus. Panelleden van 30 t/m 39 jaar zijn het hier relatief vaker (41%) zeer mee eens.

Helft van de panelleden ervaart een stillere buurt, kwart ervaart dit niet

Van de panelleden ervaart ruim de helft (54%) dat het stiller is in hun buurt sinds het uitbreken van het coronavirus. Hierbij geven 65-plussers relatief vaker (70%) aan het (zeer) eens te zijn, terwijl 30 t/m 39 jarigen het hier minder vaak (zeer) mee eens zijn (42%) Mogelijk komt dit doordat inwoners in deze leeftijdsgroep vaker thuis zijn gaan werken waardoor geluid eerder opvalt. Tegelijkertijd is een kwart (25%) van alle panelleden het hier (zeer) mee oneens en ervaart niet meer stilte in de buurt.

Een derde panelleden verwacht vaker te wandelen in de buurt van eigen huis

In de peiling onder het Bewonerspanel Utrecht van februari 2021 is gevraagd naar de toekomstverwachting nadat alle coronamaatregelen zijn opgeheven. De helft van de panelleden (52%) verwacht even vaak te gaan wandelen in de buurt van het eigen huis als voor de coronacrisis. Ruim een derde (37%) verwacht dit vaker te gaan doen. Van de paren met kind(eren) verwacht 42% dit vaker te doen. Onder jongeren in het panel (15-65 jaar) verwacht meer dan de helft (55%) dit vaker te doen. De verwachtingen hierover verschillen per wijk: in Zuidwest (43%) en Oost (41%) is dit aandeel het hoogst.

Kwart panelleden wil vaker wandelen en ontspannen in stadspark

Ruim een kwart (28%) van de leden van het Bewonerspanel spreekt de verwachting uit om vaker te wandelen en ontspannen in de Utrechtse stadsparken. Ruim de helft (58%) verwacht dit even vaak te doen als voor de virusuitbraak. Panelleden van 15-35 jaar zijn gemiddeld vaak van plan om gebruik te maken van de stadsparken: 43% denkt hier vaker te ontspannen als de coronamaatregelen zijn opgeheven. Een derde van de panelleden in Oost (33%) en Zuidwest (31%) geeft aan vaker te zullen ontspannen in een stadspark. Dit geldt voor 27% van de deelnemers aan het panel in West, Noordwest, Noordoost en Vleuten-De Meern. Meer informatie over recreatie in groengebieden staat in het hoofdstuk Recreatie.

Vleuten-De Meern en Leidsche Rijn meest groene wijken

Gemiddeld heeft een huishouden in Utrecht 68 m² groen ter beschikking in 2020. In de wijken Vleuten-De Meern (133 m²) en Leidsche Rijn (121 m²) hebben huishoudens het meeste groen in hun wijk. Ook in Overvecht (104 m²) heeft een huishouden gemiddeld meer dan 100 m² ter beschikking. De Binnenstad is met 11 m² de minst groene wijk. Voor de toekomstige inrichting van de stad streeft de gemeente naar minimaal 75m² groen per woning (RSU 2040 concept).
Het totaal van groen in beheer van de gemeente en al het water (behalve het Amsterdam-Rijnkanaal) per huishouden is in 2020 106 m² per huishouden. In 2019 was dit 107 m².

Verdeling verharding, groen en water in de openbare ruimte

De gemeente Utrecht heeft 3.334 hectares openbare ruimte (excl. landgoederen) in beheer. Van deze openbare ruimte is 42% verharding, 37% groen en 21% water. Van het stedelijk groen, zonder de landgoederen, is 41% natuurlijk groen (het gaat om openbaar groen zoals hooilanden, ruigten, gras met stinzebollen en bosplantsoenen). Daarnaast is er nog verharding, groen en water in beheer van derden, zoals Rijkswaterstaat. De wijk Binnenstad heeft het hoogste aandeel verharding: 69% van de gemeentelijke openbare ruimte in Binnenstad is verhard. De wijken Noordwest (62%) en Zuidwest (60%) volgen. De laagste verhardingsgraad is in Vleuten-De Meern (26%). Tegelijkertijd is het aandeel water in Vleuten-De Meern met 37% het hoogst van Utrecht. Het hoogste aandeel groen is te vinden in Zuid (46%), gevolgd door Overvecht (44%) en Leidsche Rijn (34%). In Binnenstad is het aandeel groen het laagst (17%).

Kwart Utrechse bomen in Vleuten-De Meern

Het aantal bomen in Utrecht komt uit op bijna 160.000 bomen. Dat is inclusief bomen in landgoederen, zoals Amelisweerd. Een kwart van de Utrechtse stadsbomen staat in Vleuten-De Meern (40.000). In Binnenstad staan 3.000 stadsbomen, een aandeel van 2% van het Utrechts totaal. Naast de bomen in woonstraten en in parken zijn er in de stad ook bosplantsoenen en bossen, zoals op de landgoederen. Opgeteld gaat het om bijna 190 hectare.

Ruim vier op de tien kinderen spelen dagelijks minimaal een uur buiten

Iedere twee jaar onderzoekt de gemeente Utrecht hoe het gaat met de gezondheid en het welzijn van de Utrechtse jeugd. Dit onderzoek heet de Jeugdmonitor Utrecht (JMU). Voor het onderzoek zijn in oktober en november 2019 vragenlijsten afgenomen bij leerlingen uit groep zeven en acht op 42 Utrechtse reguliere basisscholen. Van de 10 tot 12 jarigen speelt gemiddeld 48% minimaal één uur per dag buiten. Leerlingen die in Kanaleneiland wonen (57%) spelen het vaakst buiten en in Leidsche Rijn (40%) is dit minder. Meisjes spelen gemiddeld minder vaak buiten dan jongens.

Ruim twee derde Utrechters tevreden met groen in de buurt

In de Inwonersenquête van de gemeente Utrecht wordt gevraagd naar [indicator(en)]. Deze enquête houden we elke twee jaar. In 2022 zijn voor deze indicatoren nieuwe cijfers beschikbaar. In 2019 is het aandeel Utrechters dat (zeer) tevreden is over het groen in de buurt waaronder grasveldjes en bomen stabiel ten opzichte van de jaren daarvoor (67%). De tevredenheid over het groen verschilt per wijk. In Zuid (76%), Oost (75%) en Overvecht (74%) is driekwart van de bewoners tevreden over het groen in de eigen buurt. In Noordwest (52%) geldt dit voor slechts de helft van de inwoners.

Van de Utrechters van 16 jaar en ouder is driekwart (73%) tevreden over de parken in de eigen buurt. In Vleuten-De Meern zijn inwoners hierover het meest positief (83%). De ligging bij het Máximapark en de Haarrijnseplas spelen mogelijk mee bij deze beoordeling. Ook in Oost (81%) is acht op de tien Utrechters te spreken over het park in de buurt. In de wijken Zuidwest (55%) en Binnenstad (57%) is de helft van de bewoners hierover te spreken is. Het Máximapark (26%), Griftpark (25%) en Wilhelminapark (23%) zijn door de meeste Utrechters genoemd als groengebieden in de stad om te recreëren. Daarna is het Julianapark (16%) het meest bezocht in het afgelopen jaar, hoewel dit aandeel is afgenomen in vier jaar tijd. Het Máximapark is tegelijkertijd meer in trek geraakt onder Utrechters. Ook in 2015 waren dit de populairste groengebieden in de stad.

Tevredenheid over speelvoorzieningen in de buurt stabiel

In 2019 is 64% van de Utrechters met een kind onder de 12 jaar (zeer) tevreden over de speelvoorzieningen in de buurt. Dit aandeel is de jaren daarvoor stabiel. Ook het percentage leerlingen uit groep 7 en 8 dat vindt dat er voldoende plekken in de buurt zijn om buiten te spelen, is stabiel: 92% van de leerlingen hier tevreden over. Leerlingen uit Noordwest vinden vaker dan gemiddeld dat er niet genoeg speelplekken in de buurt zijn. In de wijken West, Noordoost en Zuid zijn leerlingen hier juist vaker dan gemiddeld positief over.

Meer dan de helft Utrechtse tuinen versteend

Op waarstaatjegemeente.nl staat welk deel van de Utrechtse tuinen bedekt is met ‘groen’ en welk deel met ‘steen’. Van de Utrechtse tuinen blijkt 58% versteend (bestrating, schuurtjes en kale grond) te zijn, de rest is bedekt met groen (bomen, gras of planten). Vergeleken met ander grote steden heeft Utrecht relatief veel vooroorlogse wijken met kleine tuinen. Landelijk is 49% van de tuinen versteend. In Amsterdam ligt het percentage versteend op het landelijk gemiddelde (49%). In Rotterdam (33%) en Den Haag (39%) ligt het aandeel lager en in Eindhoven (55%) hoger. De meest versteende Utrechtse wijken zijn Zuidwest (74%) en Noordwest (70%). Uitgangspunt bij deze indicator is een landsdekkende kaart met hierop alle tuinen van Nederland met groenbedekking. Deze tuinen worden geaggregeerd naar een hoger schaalniveau. De tuinen zijn in kaart gebracht door informatie uit kadastrale kaarten en basisregistraties. Met behulp van luchtfoto’s is vervolgens de vegetatie van alle tuinen in kaart gebracht. Tuinen groter dan 2.000 m² zijn niet meegenomen in de analyse (Cobra Groeninzicht, 2018).

Daling tevredenheid ten aanzien van groenvoorzieningen in de stad

In 2019 is aan Utrechters is gevraagd wat zij vinden van het aanbod aan groenvoorzieningen in de stad zoals parken, plantsoenen en landgoederen. Over dit aanbod is 69% van de Utrechters tevreden. Dit is een daling vergeleken met de jaren daarvoor toen dit aandeel tussen de 70% en 73% lag. Het gaat hier onder andere om parken, plantsoenen en landgoederen. Bewoners van Oost (77%) en Vleuten-De Meern (74%) zijn hierover het meest tevreden. In West (59%) is het aandeel het laagst, gevolgd door Zuidwest (64%).

Meer Utrechters tevreden over straatverlichting in de buurt

Het aandeel Utrechters dat tevreden is over de straatverlichting in de buurt is gestegen van 78% in 2018 naar 81% in 2019. In de afgelopen jaren schommelde de tevredenheid hierover rond de 76%. In Noordoost (83%) en Binnenstad (82%) oordelen inwoners het meest positief. In Overvecht (65%) is dit aandeel het laagst. Het aandeel Utrechters dat ontevreden is over de straatverlichting in de eigen buurt is stabiel.

Global Goals dashboard

Utrecht wil een stad zijn waarin gezondheid en leefbaarheid voorop staan. We stoppen daarom energie in een betere kwaliteit van leven voor iedereen. Internationaal leveren we daarmee een bijdrage aan de Sustainable Development Goals (SDG’s). Dat zijn de 17 duurzame ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties (VN) om samen te werken aan een betere wereld voor iedereen.

Voor Openbare ruimte & groen gaat het om de stedelijke doelstelling Vergroenen en verdichten. De SDG’s richten zich op de volgende doelen:

  • Industrie, innovatie en infrastructuur: Bouw veerkrachtige infrastructuur, bevorder inclusieve en duurzame industrialisering en stimuleer innovatie.

  • Duurzame steden: Maak steden en menselijke nederzettingen inclusief, veilig, veerkrachtig en duurzaam. Maak besluitvorming en participatie mogelijk voor iedereen. Behoud en bescherm cultureel erfgoed. Toegang voor iedereen voorzien tot veilige, inclusieve en toegankelijke, groene en openbare ruimtes, in het bijzonder voor vrouwen en kinderen, ouderen en personen met een handicap.

  • Klimaatactie: Neem dringend actie om klimaatverandering en haar impact te bestrijden.

  • Leven op het land: Bescherm, herstel en bevorder het duurzaam gebruik van ecosystemen, beheer bossen duurzaam en roep het verlies aan biodiversiteit een halt toe.

Naar het dashboard