Samenvatting

Utrecht groeit hard. In 2018 mocht de stad de 350.000e inwoner ontvangen. Volgens de nieuwste bevolkingsprognose passeert Utrecht in 2024 de grens van 400.000 inwoners.

In het jaar 2018 groeide de bevolking met ruim 5.300 inwoners. Enerzijds worden in Utrecht veel meer kinderen geboren dan er inwoners overlijden. Anderzijds vestigen meer mensen zich in de stad dan er vertrekken. Conform de landelijke trend waren er in 2018 minder verhuizingen binnen de stad dan in de jaren daarvoor.

 Kerncijfers

 201420152016201720182019
aantal inwoners op 1 januari

328.276

334.295

338.986

343.134347.574352.941
jaarlijkse groei6.0194.6914.1484.4405.367-
totaal aantal geborenen

5.172

4.761

4.9144.7874.817-
totaal aantal overledenen

1.818

1.864

1.8821.9231.838-
geboorteoverschot

3.354

2.897

3.0322.8642.979-
vestigers uit andere gemeente of land

27.353

26.267

28.55729.02129.770-
vertrekkers naar andere gemeente of land

24.644

24.558

27.24727.05527.089-
vestigingsoverschot2.7091.7091.3101.9662.681-
verhuizingen binnen Utrecht

29.883

31.429

30.92833.832*29.181-
vestigers 18 t/m 24 jaar

12.649

11.289

10.83710.46610.711-
geboorte per 1.000 vrouwen (15 t/m 44 jaar)57,452,353,651,951,9-
overleden per 1.000 inwoners5,55,65,65,65,3-
vertrek naar andere gemeente of land per 1.000 inwoners75,173,580,478,877,9-
verhuizingen binnen Utrecht per 1.000 inwoners90,293,491,298,6*84,0-
gemiddeld aantal inwoners per woning2,32,42,42,42,4-
aantal inwoners per km²3.3093.3703.4173.4593.5043.558

Bron: BRP, gemeente Utrecht. * Overschatting vanwege administratieve wijzigingen.

Utrecht groeit hard: nu circa 353.00 inwoners

Op 1 januari 2019 heeft Utrecht 352.941 inwoners. Utrecht groeide in 2018 met 5.367 inwoners: gemiddeld 15 personen per dag. Dit is een sterkere groei dan in 2017 (+4.440) en 2016 (+4.148). Sinds de bouw van Leidsche Rijn groeit Utrecht uitzonderlijk hard. In verhouding tot de bevolkingsomvang groeit Utrecht harder dan de andere G4-steden: Utrecht groeide in 2018 met 1,5%, terwijl Amsterdam, Rotterdam en Den Haag ieder een groei kenden tussen 0,9% en 1,1%. De relatieve groei van de bevolking is overigens het sterkst in kleinere gemeenten in de buurt van de grote steden. Van de grote steden in Nederland groeit Almere sinds 2016 het snelst: vorig jaar bedroeg de bevolkingsgroei daar 1,9%.

Utrecht blijft doorgroeien: 400.000 inwoners in 2024

Utrecht ontving in september 2018 de 350.000ste inwoner. Naar verwachting passeert Utrecht in 2024 de grens van 400.000 inwoners en zal de stad in 2040 meer dan 450.000 inwoners hebben. De sterkste groei vindt naar verwachting plaats in de jaren 2022-2025 met een groei van circa 40.000 inwoners in vier jaar tijd. De bevolkingsprognose wordt ieder jaar bijgesteld op basis van de meest actueel beschikbare informatie. De prognose gaat onder meer uit van de geplande oplevering van woningen zoals beschreven in de bouwplannen van dat moment, waarbij geen rekening wordt gehouden met mogelijk uitstel of afstel van oplevering.

Veel meer geboortes dan sterftegevallen

De bevolkingsgroei van een stad is opgebouwd uit een geboorteoverschot (verschil tussen geboorte en sterfte) en een vestigingsoverschot (verschil tussen vestiging en vertrek). In Utrecht worden veel meer kinderen geboren dan er inwoners overlijden. Vorig jaar zijn in de stad ongeveer 4.800 baby’s geboren en 1.800 inwoners overleden. Utrecht heeft daarmee een positief geboorteoverschot van circa 3.000 personen. Deze natuurlijke aanwas schommelt al jaren rond dit niveau.

De grote natuurlijke aanwas hangt samen met de samenstelling van de bevolking: in Utrecht wonen veel jonge inwoners en relatief weinig ouderen (zie Samenstelling naar groepen). Uit cijfers van het CBS blijkt dat Utrecht de grootste natuurlijke aanwas per 1.000 inwoners heeft van alle steden in Nederland. In 2018 hadden alleen de kleinere gemeenten Urk en Renswoude een hoger relatief geboorteoverschot.

Er komen meer mensen naar Utrecht dan er vertrekken

Naast een positief geboorteoverschot heeft Utrecht ook al jarenlang een positief vestigingsoverschot: de stroom die de stad inkomt is groter dan de stroom die er uitgaat. In 2018 verhuisden ruim 27.000 Utrechters naar een andere gemeente in Nederland of naar het buitenland. Daar staat tegenover dat een kleine 30.000 mensen zich in Utrecht vestigden. De stad had vorig jaar een vestigingsoverschot van 2.681 personen. In 2016 was het overschot met 1.310 personen half zo groot. De ingaande stroom is de laatste jaren toegenomen, terwijl de uitgaande stroom redelijk stabiel is gebleven.

Ruim een op de drie vestigers (36%) is in de leeftijd van 18-24 jaar. Jonge vestigers zijn vooral studenten en starters op de arbeidsmarkt. Net als in andere studentensteden liep het aantal vestigers van 18-24 jaar de laatste jaren terug in Utrecht: van 12.649 in 2014 naar 10.466 in 2017. Dit hangt samen met de invoering van het sociaal leenstelsel in september 2015, waardoor minder studenten op kamers gingen wonen. Voor de hoogte van de studiefinanciering maakt het niet meer uit of studenten ingeschreven staan bij de ouder(s) of uitwonend zijn. In 2018 is het aantal jonge vestigers in Utrecht niet verder afgenomen en lijkt het te zijn gestabiliseerd.

Minder verhuizingen binnen de stad

De jonge bevolking van Utrecht met veel studenten en starters maakt ook dat Utrechters relatief vaak verhuizen. In 2018 zijn ruim 56.000 Utrechters verhuisd, ofwel een op de zes inwoners. Daarvan is ruim de helft binnen de stad verhuisd (52%) en de andere helft naar een andere gemeente in Nederland (40%) of naar het buitenland (8%). Opvallend is de daling van het aantal verhuizingen binnen de stad. Uit cijfers van het CBS blijkt dat deze ontwikkeling zich ook in andere gemeenten voordoet. Het CBS constateert dat in 2018 vooral jongeren en gezinnen minder vaak verhuizen.

Eerder schreef het CBS dat jonge gezinnen hun verhuisplannen in de crisisjaren niet konden verwezenlijken. In de jaren na 2013 lukte dit wel en steeg het aantal verhuizingen in deze groep. Het CBS vermoedt dat het aantal verhuizingen vorig jaar daalde omdat de meeste gezinnen die tijdens de crisis wilden verhuizen dat al vóór 2018 hadden gerealiseerd. Tegelijk is er volgens het CBS sprake van een toenemende krapte op de woningmarkt.

Tot 2040: alle leeftijdsgroepen groeien, de 65-plussers het sterkst

Volgens de stedelijke bevolkingsprognose uit 2018 groeit Utrecht tot 2040 met ruim 20%. In alle leeftijdsgroepen is een toename te zien. Utrecht is en blijft een relatief jonge stad. De procentueel sterkste groei zal echter plaatsvinden in de groep 65-plussers: van 36.500 in 2019 naar circa 60.000 in 2040 (+67%). In de wijk Leidsche Rijn valt de groei in de leeftijdscategorie 18 t/m 23 jaar op: van 1.800 in 2019 naar 3.900 in 2040. In Vleuten–De Meern zal naar verwachting in de komende jaren het aantal kinderen onder 12 jaar afnemen.

Tot 2040: alle wijken groeien, Zuidwest wordt de grootste

Alle tien de Utrechtse wijken zullen in de periode tot 2040 groeien. Een groot deel van de bevolkingsgroei van de stad wordt opgevangen in Zuidwest en Leidsche Rijn. Zuidwest neemt naar verwachting toe van 38.428 inwoners in 2019 naar circa 63.000 inwoners in 2040 en wordt daarmee de grootste wijk van de stad. De groei in Zuidwest vindt voor een groot deel plaats in de Merwedekanaalzone. Leidsche Rijn blijft een belangrijke groeilocatie en groeit van 38.859 inwoners in 2019 naar ruim 60.000 in 2040. De relatief grootste toename vindt overigens plaats in de kleinste wijk: het aantal inwoners in de Binnenstad groeit tot 2040 met 68%, onder meer in het Beurskwartier.

Utrecht kiest in de Ruimtelijke Strategie Utrecht voor een groei van de bevolking door vooral in te zetten op inbreiding, het benutten van nieuwe woningbouwlocaties op plekken in de stad. Het Beurskwartier en de Merwedekanaalzone zijn aangewezen als twee belangrijke ontwikkelgebieden voor woningbouw maar ook Leidsche Rijn blijft een belangrijke groeilocatie. Deze ontwikkeling is terug te zien in de bevolkingsdichtheid van de gebieden. Het aantal inwoners per km² zal in de groeilocaties flink toenemen.